Een Travellerspoint blog

Dinsdag 25 juni: Cooper Landing - Homer

semi-overcast 22 °C

Op de normale tijd staan we weer op. Ondanks dat de camping $40,- per nacht kost zijn de douches niet inbegrepen bij de prijs, en dus douchen we maar weer in de camper. Ontbijten doen we weer in de Lodge. Onze ober van gisteren is er ook weer.
Om kwart over 10 vertrekken we van de camping. Een paar kilometer verderop blijken nog wat meer campings en het dorpje Cooper Landing zelf te zijn. Heel veel stelt het overigens ook weer niet voor. In het begin is de weg nog smal en bochtig, maar na zo'n 10 mijl wordt het dal breder en de weg ook. Via Soldotna komen we op de kustweg terecht die ons uiteindelijk rond 2 uur in Homer brengt, ook zo'n beetje het eindpunt van de weg.
DSCN0810.jpg
We stoppen eerst bij het Visitor Center om op zoek te gaan naar info over bearviewing vanuit Homer. We vinden nog een stuk of wat folders van bedrijven die dat aanbieden. De medewerker van het Visitor Center kan ons helaas niet veel verder helpen. Zo'n beetje naast het Visitor Center zit een camping, met zicht op zee. Na enig overleg met de vrouw achter de receptie weten we de mooiste plek te krijgen, die ons een onbelemmerde blik biedt op de Kachemak Bay en de bergen van de Kenai Fjords. DSC_0219.jpg
Nadat alles is geinstalleerd proberen we via de folders en via internet uit te vinden wat de meest aantrekkenlijke bearviewing mogelijkheid is. Nadat we een top 3 hebben gemaakt gaan we naar de receptie om de verschillende bedrijven langs te bellen. De vrouw van de receptie is erg behulpzaam en leent ons ook haar mobiele telefoon uit. Het eerste bedrijf dat we bellen heeft morgen helaas geen plek, en zit ook tot zaterdag vol. Het tweede bedrijf dat we bellen heeft morgen nog wel 2 plekken beschikbaar, dus we kunnen mee! We maken meteen een reservering en moeten, behalve de namen en creditcardgegevens ook ons gewicht opgeven. We spreken af dat we later vandaag nog op hun kantoor langs zullen komen.
Terug in de camper eten we nog even wat en maken ons dan op om naar downtown Whittier te lopen. Als we op het punt staan weg te gaan komt er een oudere man aanlopen die ons in het Nederlands aanspreekt. Hij blijkt in Homer een paar maanden te werken en vakantie te houden en is door de vrouw van de receptie ingeseind dat er Nederlanders op de camping staan. Hij weet ook al dat we op berenjacht gaan en is benieuwd met welk bedrijf we gaan. Als we vertellen dat we met AlaskaBearAdventures gaan begint ie moeilijk te kijken en zegt iets dat hij liever had gezien dat we een andere hadden uitgekozen. Waarom vertelt ie er niet duidelijk bij. Wij vinden hem een beetje arrogant overkomen met zijn houding dat hij het allemaal wel weet hier. We besluiten ons verder maar niks van hem aan te trekken.
De camping zit vlakbij de downtown van Homer, maar de Homer Spit (en zeearm) waar het kantoor van AlaskaBearAdventures zit, blijkt niet op loopafstand te zijn. We gaan dus maar terug naar de camping, koppelen de camper af van de stroom en rijden naar de Homer Spit. Na een paar kilometer lange weg komen we op een soort van schiereiland waar een paar campings, veel winkeltjes en veel restaurants zijn. En het kantoor waar we moeten zijn.
270_DSC_1442.jpg
We worden hartelijk ontvangen door Jenna (die we eerder al aan de telefoon hadden) die ons meer informatie over de tocht van morgen geeft. Ze begint meteen met de meest schokkende mededeling: we worden al om 5 uur 's ochtends op het vliegveld verwacht! Door het vroege tijdstip zullen we aankomen op een moment dat de beren het meest actief zijn. Op zich natuurlijk een goed uitgangspunt dat wij ons maar aan moeten passen aan de beren en niet andersom. Ze zijn het enige bedrijf dat al zo vroeg vertrekt. Verder moeten we nog gewogen worden; gelukkig geeft de weegschaal het gewicht aan in pounds, en omdat we daarvan toch de omrekenfactor niet weten zien we ook niet wat de hamburgers e.d. van de afgelopen weken hebben opgeleverd. Met de afspraak dat ze ons om kwart voor 5 van het parkeerterrein bij het vliegveld zullen afhalen vertrekken we weer.
Nadat we nog bij wat winkeltjes hebben gekeken is het ook tijd om te gaan eten. We vinden al snel een restaurant waar het eten best goed smaakt. Wel jammer dat ze standaard zelf al 18% tip rekenen, terwijl wij eigenlijk niet van plan waren de nogal haastige ober meer dan 15% te geven. Na het eten kijken we nog even rond op de Homer Spit en rijden dan weer terug naar de camping om daar te genieten van ons uitzicht. We smeren ook alvast de broodjes om morgen mee te nemen en pakken de tassen daarvoor in. Om half 12 gaan we naar bed.  

Mileages:
Eindstand:   59.570,0
Vandaag gereden: 136,6 mijl
Totaal gereden:   2.758,9 mijl

Geplaatst door Uris 0:51 Gearchiveerd in Verenigde Staten Reacties (0)

Maandag 24 juni: Whittier - Cooper Landing

sunny 25 °C

De wekker gaat vandaag iets later, want onze gletsjercruise vertrekt pas om half 1. We hadden een koude nacht verwacht (met die sneeuw in de buurt), maar gelukkig is dat meegevallen. Nadat we de jaarlijkse camperfoto hebben gemaakt rijden we eerst naar de grote parkeerplaats van Whittier waar de camper voor $5,- de hele dag kan staan.
DSC_1279.jpg
Vervolgens lopen we naar kantoor van de 26Glacier-cruise om te kijken of we al kunnen inchecken. Dat blijkt nog niet te kunnen. We gaan eerst maar eens ontbijten en daarvoor lopen we weer naar de Anchor Inn. Daar doet de Wi-fi het helaas niet, maar kunnen we wel de fototoestellen nog wat verder opladen. Het ontbijt smaakt er ook weer goed. Na het ontbijt lopen we meteen weer terug naar het cruisekantoor waar we nu wel kunnen inchecken en bijna meteen kunnen boarden. Onze rondvaartboot is nog best groot, maar wel weer klein vergeleken met het cruiseschip, de Norwegian Sun, dat er naast ligt.
DSC_1281.jpg
Veel cruiseschippassagiers stappen hier over op de Alaska Railroad, we zien er dan ook heel wat met hun koffers zeulen. We blijken best goede plekken gekregen te hebben, op het tweede dek redelijk achterin. Bij een tafel aan het raam, maar dan wel de zitplaatsen bij het gangpad. Dat betekent dat we snel naar buiten kunnen als er iets te zien is. Bij ons aan tafel zitten nog 2 oudere Amerikaanse echtparen, die het natuurlijk geweldig vinden dat wij uit Nederland komen. Overigens zullen ze ons vandaag verder weinig zien, omdat we de meeste tijd aan dek doorbrengen.
DSC_1287.jpg
Precies op tijd vertrekken we. En al meteen is het landschap om ons heen erg indrukwekkend (al was ons dat natuurlijk ook in Whittier al opgevallen).
DSC_1314.jpg
Al snel hebben we ook zicht op de eerste gletsjers.
DSC_1339.jpg
In eerste instantie varen we naar het zuiden, naar de Esther Passage. Echt wildlife zien we nog niet, wel een paar vissersboten die net hun netten binnenhalen. Er komen een aantal dikke zalmen naar boven.
DSCN0724.jpg
Al vrij snel wordt de lunch geserveerd. De fish & chips voor Uris en de chicken sandwich voor Mellius smaken verrassend goed en zelfs de hoeveelheid is voldoende. Na de lunch is het weer tijd om naar het dek te gaan. Nu zien we wel wildlife in de vorm van een zonnende zeehond op een rots.
DSC_1300.jpg
Maar we zien vooral veel zeeotters. Die dobberen massaal in zee, lekker relaxed op hun rug. Een erg grappig gezicht.
DSCN0731.jpg
In volle vaart (de boot heeft waterjets en vaart daardoor erg snel) varen we vervolgens het College Fjord binnen.
DSC_1297.jpg
We kunnen niet heel dichtbij de gletsjers in dit fjord komen vanwege het vele ijs dat in het water drijft.
DSC_1346.jpg
Maar snel door naar de volgende gletsjer, de Barry Glacier. Hier zien de metershoge wanden van ijs die boven het water uitsteken. Het ziet er erg indrukwekkend uit.
DSC_1355.jpg
Zo nu en dan brokkelt met donderend geraas een stuk ijs af.
DSC_1385.jpg
DSC_1378.jpg
We blijven geruime tijd bij deze gletsjer liggen zodat iedereen goede foto's kan maken.
DSCN0765.jpg
DSC_1362.jpg
Hierna varen we door naar de Surprise Glacier, weer een grote gletsjer met meterhoge ijswanden. Ook hier blijven we geruime tijd voor dobberen, en ook deze gletsjer is erg indrukwekkend.
DSCN0779.jpg
DSC_1401.jpg
Nadat alle foto's zijn gemaakt is het ook tijd om weer terug te varen naar Whittier.
DSCN0798.jpg
Omdat ze ze schattig zijn koopt Uris nog een knuffel van een zeeotter, die heel goed past bij onze andere wildlife-knuffels. Na nog een laatste fotomoment bij een waterval met heel veel vogels komen we ook weer precies op tijd (half 6) aan in Whittier. Als we vanaf de boot naar de camper lopen komt net een trein van de Alaska Railroad aanrijden, zodat we die eindelijk eens goed op de foto kunnen zetten.
DSC_1436.jpg
We besluiten vervolgens om een camping buiten Whittier te gaan zoeken, en dus meteen naar de tunnel te rijden (die om 6 uur open gaat in de richting om Whittier te verlaten). Bij de tunnel aangekomen kunnen we meteen doorrijden. Deze keer mag Uris ervaren hoe het is om op rails te rijden.
DSCN0804.jpg
Ons plan is om in Portage een camping te zoeken, maar heel Portage kunnen we niet vinden. Dat kan ook wel kloppen (lezen we later in ons reisboek) want bij de aardbeving van 1964 is zo'n beetje heel Portage verdwenen, op 2 huizen na. Maar het staat nog steeds op de kaart. We besluiten dan maar verder te rijden. Het eerstvolgende dorp van betekenis is Cooper Landing, een kleine 60 mijl verderop. Daar komen we om half 8 aan. Bij de ingang van de Kenai Princess Wilderness Lodge camping staat een bord 'No Vacancy', maar bij de office (die dicht is) hangt wel een briefje met beschikbare plaatsen. We besluiten dan maar op een van die plekken te gaan staan. Mellius mag de camper op zijn plek zetten, waardoor hij vandaag maar liefst een halve mijl achter het stuur heeft gezeten. De overige 64 mijl heeft Uris gereden. Als we hierna weer teruglopen naar de ingang is de office ook weer open. De plek waar we zijn gaan staan was eigenlijk intussen gereserveerd, maar die mensen kunnen nog wel naar een andere plek verplaatst worden.
DSCN0807.jpg
Deze camping heeft weer Wi-fi, en zo kunnen we in een mail van Tioga Tours lezen dat de vlucht van Anchorage naar Seattle nog steeds voor ons gereserveerd is, maar dat we hem niet kunnen zien op de KLM-site omdat deze vlucht door Alaska Airlines wordt uitgevoerd. Wel een vreemd verhaal, eerder stond de vlucht wel gewoon op de KLM-site.
De camping is onderdeel van een resort, en daar hoort ook een lodge bij waar we kunnen eten. De Lodge is in de klassiek National Park jaren '30 houtstijl. Erg sfeervol. Jammer dat het eten er zo duur is. De ober wil ook weer graag weten waar we vandaan komen. Hij blijkt vervolgens nog 10 maanden in Amsterdam gewoond te hebben. Hij kent nog een paar woorden Nederlands. Na het eten lopen we nog een stukje naar de Kenai River en gaan dan weer terug naar de camper. Daar drinken we een biertje en kijken nog wat op internet en gaan om een uur of 1 naar bed.  

Mileages:
Eindstand:   59.433,4
Vandaag gereden: 64,4 mijl
Totaal gereden:   2.622,3 mijl

Geplaatst door Uris 1:43 Gearchiveerd in Verenigde Staten Reacties (0)

Zondag 23 juni: Kenny Lake - Whittier

semi-overcast 24 °C

Om 8 uur staan we op en om 9 uur vertrekken we vanaf de camping. Na 10 mijl rijden we Highway 4 (Richardson Highway) richting het noorden. We stoppen eerst even bij het Visitor Center van het Wrangell-St.Elias National Park om nog een boekje te kopen over de Kennecott Mines waar we gisteren waren. Op de parkeerplaats bij het Visitor Center staan we toevallig geparkeerd naast een camper van hetzelfde type als we vorig jaar hadden. Leuk om ze zo even te kunnen vergelijken.
DSCN0704.jpg
Op zoek naar een restaurant om te ontbijten rijden we nog een ommetje via Copper Center, maar daar blijkt niks te zijn. Bij het Visitor Center van Glenallen vragen we of daar nog ergens een restaurant te vinden is waar we kunnen ontbijten. Er is er precies 1. Gelukkig vinden we die dan ook. Helaas moeten we er dan wel 10 minuten wachten voordat we kunnen bestellen, en een kwartier voordat we koffie krijgen, maar het eten smaakt er nog wel lekker.
Via de Glenn Highway (Highway 1) rijden we verder naar het westen. De weg is hier van relatief goede kwaliteit. Net nadat Uris weer het stuur heeft overgenomen blijkt dat we de Tahetna-Pass (915m) over moeten. De weg wordt bochtiger en smaller. Een mooie uitdaging voor Uris, terwijl Mellius mooi tijd heeft om van het landschap te genieten. Om 3 uur komen we aan in Palmer, waar we nog wat boodschappen doen in dezelfde Fred Meyer als waar we op de heenreis waren geweest. Na ook nog te hebben getankt (42 gallon/160 liter) rijden we verder naar Anchorage. Vlak na Palmer is de afslag richting Denali en Fairbanks. Het kost moeite om de camper niet de afslag op te sturen en zo nog een rondje te doen. Toch erg jammer dat dat niet meer kan...
Als we dichter bij Anchorage komen wordt de weg een meerbaans snelweg en wordt het ook een stuk drukker. Zoveel drukte is wel weer even wennen. De snelweg eindigt in de stad. Nog net op tijd zien we de afslag richting Seward. De weg gaat hier weer verder als Highway 1 richting het zuiden. We rijden nu richtig de Kenai Peninsula, een schiereiland waar veel bewoners van Anchorage in het weekend heen gaan, en aangezien het nu zondagmiddag is komen we die nu allemaal weer tegen, op weg naar huis. Het is een constante stroom van campers en auto's met boten op de aanhanger.De weg is hier ook erg mooi, met links de bergen en rechts het water van de Cook Inlet.
DSC_1259.jpg
Tussendoor ligt dan ook nog de spoorlijn van de Alaska Railroad. In Girdwood stoppen we even om te kijken of we nog iets kunnen vinden over eventuele  campings in Whittier. Heel veel wijzer worden we er niet van en daarom besluiten we gewoon maar ter plekke te bekijken. Bij Portage is de afslag richting Whittier. Al snel staat een RV-park aangegeven maar we besluiten eerst toch nog even verder te kijken. Voor we het weten staan we echter al voor de ingang van de tunnel naar Whittier. Na enig overleg lijkt het ons toch het handigst om door te rijden en dus naar Whittier te rijden. De tunnel naar Whittier is eenbaans, 4 kilometer lang en is zowel een auto als een treintunnel. Om het half uur wisselt de rijrichting. Tussendoor rijden er dan ook nog treinen. Als wij aankomen gaat de tunnel bijna voor onze richting open, dus we moeten nog even wachten. In de tunnel rijdt het wat vreemd omdat de wielen meteen de rails opzoeken. Het lijkt alsof je niet zelf meer hoeft te sturen.
DSC_1265.jpg
Aan het uiteinde van de tunnel blijkt dat Whittier echt op een prachtige plek ligt, aan zee (dat wil zeggen de baai van de Prince William Sound) maar ook tussen de bergen. Het plaatsje zelf is niet erg mooi. Veel gebouwen voor de visverwerkende industrie, 2 hotels,  een treinemplacement, een parkeerterrein met heel veel boottrailer, een verlaten en vervallen appartementencomplex en een jaren 50 appartementencomplex waar 80% van de inwoners van Whittier schijnt te wonen. We gaan eerst maar eens op zoek naar een camping. We vinden er wel een, maar die heeft al meeste luxueuze voorziening 2 Dixi-WC's. We zoeken nog even verder, maar meer campings blijken er niet te zijn. Dus keren we toch maar weer terug naar de camping, die wel erg mooi ligt. Als we ook nog eens de hoogste en mooiste plek kunnen bemachtigen zijn we eigenlijk best tevreden. Achter onze camper stromen een stuk of wat watervallen, en de sneeuw ligt op maar 20 meter afstand. Veel beter kun je het eigenlijk niet krijgen. We zetten de voorwielen op wat stenen om nog een beetje in de buurt van waterpas te kunnen staan.
DSC_1269.jpg
Nadat we ons hebben geregistreerd door een envelopje met 20 dollar in een bus te proppen is het wel tijd om wat te gaan eten.Via de voetgangerstunnel onder het spoorwegemplacement lopen we naar de Anchor Inn. Het interieur daar is wel aan een update toe, maar het eten is goed. En ook belangrijk: ze hebben Wi-fi en stopcontacten waar we onze fototoestellen kunnen opladen. Op de camping hebben we en geen stroom en geen internet, dus het is mooi dat het hier kan. We drinken nog een extra biertje om wat extra oplaadtijd te hebben. Nadat ook het bier op is wandelen we nog even door Whittier.
DSC_1275.jpg
Terug op de camping gaan we vrij snel alweer naar bed.  

Mileages:
Eindstand:   59.369,0
Vandaag gereden: 286,3 mijl
Totaal gereden:   2.557,9 mijl

Geplaatst door Uris 21:51 Gearchiveerd in Verenigde Staten Reacties (0)

Zaterdag 22 juni: Wrangel-St.Elias National Park

sunny 27 °C

Om kwart voor 7 gaat de wekker alweer. De shuttlebus zou ons om 8 uur op komen halen, maar terwijl we nog aan het ontbijten zijn zien we hem al om 10 voor 8 aankomen. Haastig eten we onze laatste broodjes en gaan dan naar de bus. Er zitten al 3 stellen in, en dat betekent dat wij helemaal achterin op het laatste bankje mogen gaan zitten. Het is nog een hele klauterpartij om er te komen.
Tot aan Chitina kennen we de weg, daarna rijden we de McCarthy Road. Dat is een onverharde weg die is aangelegd op de bedding van het vroegere spoor van Chitina naar McCarthy. Het schijnt dat er vroeger vaak lekke banden waren vanwege spoorspijkers die boven waren komen drijven. Nu is de weg eigenlijk niet veel slechter dan de Top of the World Highway. Met een gewone auto is het zeker goed te doen, en misschien hadden we het zelfs met de camper nog wel aangedurfd (afgezien van de vraag of dat van Cruise America had gemogen).
In het begin passeren we de Copper River waar het enorm druk is met particuliere vissers. In een rij staan ze op hun beurt te wachten om tot bijna de oksels de rivier in te lopen met een groot schepnet om een zalm te kunnen vangen. Meestal vangen ze niets zo te zien, maar toevallig zien we ook nog een succesvolle visser.
DSCN0649.jpg
Onze eerste stop is bij de brug over de Kuskulana River. De eenbaansbrug is op de oude spoorbrug aangelegd en ligt ruim 70 meter boven de rivier. Vroeger waren er geen vangrails en was de oversteek een heel avontuur, nu met vangrails is het eigenlijk weinig spannend.
270_DSCN0660.jpg
Hierna stoppen we bij de brug over de Gilahina River, waarbij we uitzicht hebben op de oude gammele spoorbrug die een stukje hoger staat weg te rotten.
DSC_1200.jpg
In redelijk hoog tempo rijden we vervolgens door naar de voetbrug over de Kennicott River, waar we om 11 uur aankomen. Aan de overkant staat vervolgens de shuttlebus naar de Kennecott Mines al klaar. Eerst maken we nog een stop in McCarthy, daarna rijden we door naar de mijnen 5 mijl verderop.
DSC_1223.jpg
In Kennicott aangekomen kopen we meteen kaartjes voor de tour door een aantal mijngebouwen om half 2. Nadat we even een broodje hebben gegeten lopen we zelf alvast tussen de gebouwen door.
DSC_1214.jpg
Mellius was hier in 2005 ook, maar toen in de kou en de stromende regen. Nu schijnt de zon volop en is het zo'n 27 graden. Een groot verschil dus. Nadeel van de hogere temperatuur is wel het grote aantal muggen. Ten opzichte van 2005 zijn nu een aantal gebouwen verder opgeknapt en ook enigszins toegankelijk. Een aantal dan weer alleen onder begeleiding, maar dat doen we dus vanmiddag.
DSCN0678.jpg
In het Visitor Center bekijken we een film over de mijn en over de verschillende processen die in de gebouwen in Kennicott. Nadat we alles wel zo'n  beetje hebben gezien is het wel tijd voor een kop koffie met een muffin. De man in de pizzabus waar we die kopen vertelt nog dat hij er in het hele jaar woont (in de winter wonen er 6 mensen, in de zomer 80) en zo weinig mogelijk nog naar de rest van de wereld gaat. De rest van de wereld is ook wel ver weg, met Chitina op 60 mijl (daar wonen maar liefst 38 mensen) en de eerste redelijk grote supermarkt nog eens 60 mijl verderop.
Om half 2 begint de rondleiding. Er zijn 2 gidsen, en wij zijn ingedeeld bij Rachel. Die doet het heel erg goed en weet veel maar ook erg boeiend te vertellen over de historie van de mijn. Zo leren we dat de kopererts die hier gevonden werd uitzonderlijk rijk was (rond de 90% koper, tegenwoordig is 0,5 % al genoeg om te gaan mijnen). Uiteindelijk wist men daar zo'n 98% van te winnen. Toen de mijn was uitgeput is deze ook van de ene op de andere dag werd verlaten (in 1938). Daarna werden McCarthy en Kennicott spooksteden, maar door het toerisme is er nu weer wat leven in gekomen. Veel gebouwen zijn nu gerestaureerd of in ieder geval gestabiliseerd. We mogen nu ook het East Bunkhouse in, waar het lagere personeel sliep. Mellius was hier in 2005 ook in geweest, toen waarschijnlijk illegaal, en toen lag de hele begane grond vol stenen maar waren de bovenverdiepingen nog wel begaanbaar. Nu kom je er alleen nog onder begeleiding binnen en is de hele eerste verdieping leeggehaald en gestut. De eerste manier had toch ook wel wat...
270_DSC_1230.jpg
Het ziekenhuis is intussen half ingestort en niet meer te redden.
DSCN0672.jpg
Het hoofdkantoor is wel helemaal opgeknapt en bevat nu een aantal foto's van het oude Kennicott. Hierna gaan we naar het gedeelte waar met ammoniak nog extra koper uit het kopererts werd gewonnen. Hiervoor werden de kopererts in enorme tanks gegooid en overgoten met ammoniak. Uiteindelijk kon dan hieruit het koper worden gefilterd. Klinkt niet als een erg gezond en milieuvriendelijk proces.
270_DSC_1238.jpg
Als laatste kijken we in de elektriciteitscentrale waar met stoomketels, dieselgeneratoren en waterturbines energie werd opgewekt. Bij de sluiting van de mijnen zijn de dieselgeneratoren meegenomen, maar de enorme stoomketels zijn er nog en zien er eigenlijk ook nog prima uit.
270_DSC_1241.jpg
De erg leuke rondleiding is na ruim een uur en 3 kwartier hiermee ten einde. Nadat we nog even hebben gepraat met het Nederlandse stel dat ook bij ons in de groep zat lopen we snel naar de halte van de shuttlebus naar McCarthy zodat we daar ook nog even rond kunnen kijken. We zijn net op tijd. Na nog een ommetje bij het vliegveld rijden we McCarthy binnen.
DSC_1243.jpg
DSC_1247.jpg
Daar kijken we even rond (heel groot is het niet), kijken ook nog even in het McCarthy museum en wandelen vervolgens terug naar de voetbrug over de Kennicott River. Aan de overkant zijn we precies op tijd voor de shuttlebus naar Kenny Lake. Die blijkt al behoorlijk vol te zitten, waardoor we helaas niet naast elkaar kunnen zitten. In redelijk hoog tempo rijden we weer terug. We stoppen weer bij de bruggen over de Gilahina en de Kuskulana River. Bij de laatste steekt Mellius deze keer te voet over maar blijft Uris lekker in het busje zitten.
270_DSCN0699.jpg
Om kwart over 7 worden we zo'n beetje voor de deur van onze camper in Kenny Lake afgezet. We zijn nu nog de enige gasten op de camping.
DSCN0702.jpg
Hierna begint de jaarlijkse worsteling met de magnetron zodat die voor ons de diepvrieslasagne gaat opwarmen. Na meerdere poging komt er zowaar warme lasagne uit de magnetron en kunnen we eten. De rest van de avond profiteren we van de goede internetverbinding om onder andere het weblog up te daten. Als we willen kijken of we voor onze vlucht van komende zaterdag van Anchorage naar Seattle alvast de stoelen kunnen vastleggen is deze vlucht zowel bij de KLM, Delta als Alaska Airlines niet meer terug te vinden. Achterdochtig geworden door onze ervaring met de heenvluchten sturen we Tioga Tours nog maar een mailtje om het uit te gaan zoeken.  We gaan weer op een redelijk tijdstip naar bed.  

Mileages:
Eindstand:   59.082,7
Vandaag gereden: 0 mijl
Totaal gereden:   2.271,6 mijl

Geplaatst door Uris 1:14 Gearchiveerd in Verenigde Staten Reacties (0)

Vrijdag 21 juni: Tok - Kenny Lake

sunny 24 °C

De wekker gaat weer om 8 uur, en iets later staan we op. Ontbijten doen we bij de camping waar de 4 pancakes met rendierworst goed smaken. Daarna gaan we zoek naar een telefoon om de shuttlebus naar Mc Carthy voor morgen te reserveren. De telefoons op de camping blijken allemaal te zijn weggehaald, maar volgens het meisje achter de balie van de camping zou er in de supermarkt in Tok nog een telefoon moeten zijn. Die is er inderdaad, maar hij wil alleen geen muntjes meer slikken. We doen wel nog even wat boodschappen, en gaan dan naar het Visitor Center aan de overkant. Daar is gelukkig wel een telefoon die muntjes wil hebben. Een eerst poging gaat helaas mis, wat ons al 5 kwartjes kost. Voor de tweede poging moeten we een beroep doen op de baliemedewerkster, die na enig aandringen wel wil wisselen en dan meteen met 20 kwartjes aankomt. Vervolgens lukt het wel om de shuttlebus te reserveren. Ze zullen ons oppikken bij de camping in Chitina.
Nadat we ook nog bier hebben gehaald verlaten we definitief Tok en de Alaska Highway en rijden via Highway 1, de Tok Cutoff, richting Glenallen. In het begin is de weg nog redelijk, maar Christochina is het weer bar en boos en schudden en deinen we weer alle kanten op. In Gakona stoppen we even omdat daar een oud roadhouse is en omdat Mellius daar de vorige keer op de camping heeft gestaan.
DSCN0636.jpg
Daarna rijden we snel verder naar Glenallen, waar de Glenn Highway (Highway 1) en de Richardson Highway (Highway 4) elkaar kruisen.
DSCN0642.jpg
In Glenallen kijken we even in een algemeen Visitor Center en rijden dan door naar Copper Center waar een Visitor Center van het Wrangell-St.Elias National Park zit. Daar bekijken we een film over het park waaruit blijkt dat het park het grootste park is van de USA en dat het groter is dan heel Zwitserland. Het park is niet erg toegankelijk: als je niet dagenlang wilt gaan hiken kun je eigenlijk maar 1 ding doen en dat is een bezoek aan McCarthy en de Kennecott Mines. Een stukje verderop slaan we af om Highway 10 naar Chitina op te gaan. Ook hier hebben we alvast mooi uitzicht op de bergen van het park.
DSCN0646.jpg
Chitina zou een camping moeten hebben, en een advertentie in een gidsje belooft heel wat. Maar als we aankomen blijkt de camping niet meer te zijn dan een parkeerplaats van grote stenen. Je kunt er je afvalwater nog dumpen, maar dat is ook de enige voorziening. Er zijn geen WC's, laat staan douches. Hier willen we niet overnachten. We besluiten om dan maar naar de camping in Kenny Lake (20 mijl terug) te gaan, die Mellius nog kent uit 2005. De mensen in de enige camper die op deze camping staat kijken wat ongelukkig als we weer wegrijden.
We rijden eerst nog door naar Chitina om een telefoon te zoeken. Die vinden we inderdaad en zo kunnen we de mensen van de Kennicott Shuttle vragen om ons in Kenny Lake op te pikken in plaats van Chitina. Het is gelukkig geen probleem. Via de bochtige en hobbelige weg rijden we naar Kenny Lake. Daar staan maar liefst 2 campers, dus we kunnen er nog bij. Het restaurant bij de camping blijkt helaas gesloten te zijn, dus moeten we vanavond weer zelf koken.
Als we bij onze plek aankomen blijkt daar alleen stroom te zijn, terwijl wij ook water en riool hadden verwacht. Terug bij de receptie blijkt het een misverstand te zijn, er is op elke plek alleen stroom. Voor water en riool is er een gemeenschappelijke plek. Daar rijden we dan eerst maar heen. Terwijl Mellius probeert het afvalwater te lozen wordt hij omringd door een hele horde muggen. Verderop bij het vullen van de verswatertank is het nog een stukje erger. Gelukkig weerhoudt de muggenspray de muggen ervan om ook echt fysiek contact te maken. Als vervolgens de camper op zijn plek staat proberen we  het internet van deze camping uit. Dat blijkt verrassend goed te werken, alles gaat sneller dan ooit tijdens deze vakantie. We profiteren er meteen van door ons weblog flink up te daten door er 5 dagen aan toe te voegen. Daardoor gaan we wel wat aan de late kant naar bed.  

Mileages:
Eindstand:   59.082,7
Vandaag gereden: 230,4 mijl
Totaal gereden:   2.271,6 mijl

Geplaatst door Uris 0:03 Gearchiveerd in Verenigde Staten Reacties (0)

(Berichten 6 - 10 uit 26) « Pagina 1 [2] 3 4 5 6 »